Mijn carriëre als docent bij de opleiding tot doktersassistente was kort. Ik werd aangenomen voor 6 weken, om wat tijd te overbruggen tot de nieuwe docent kwam werken. Ik leerde mijn vier klassen snel kennen; twee uitermate gemotiveerde klassen en twee klassen vol puberdames. De laatsten waren erg vermoeiend om les te geven. Toch lukte het me, voor zo ver ik dat zelf kan inschatten, om ze wat te leren over chronsiche longziekte, suikerziekte en hart-en vaat ziekten (HVZ). De twee gemotiveerde klassen waren een compleet andere ervaring. De leerlingen hingen aan mijn lippen en gaven mijn ego een finke boost. Ik legde deze leerlingen uit dat nauwkeurig waarnemen een onmisbare eigenschap is in het medische vak. Goed opletten: Hoe gedraagt iemand zicht? Hoe beweegt iemand? Wat zie je aan de huid? Zijn er littekens? Wat zie je aan de kleren? Hoor je iets bijzonders?

Om dit te trainen, leerde ik ze een spelletje wat ik zelf regelmatig met vrienden heb gespeeld. Het didactische gehalte is hoog en als het discreet wordt gespeeld is er heus niks mis mee. Het spelletje heet ‘Medisch Bingo’. Het minimum aantal spelers is 1 en het maxumim onbeperkt. De ideale plek is een grote plein in een stad (Praag leent zich hier prima voor), maar het kan ook op allerlei andere plekken worden gespeeld. Het doel van het spel is mensen te ontdekken die lijden aan bepaalde aandoeningen. De clou is dat kleine kenmerken veel kunnen verraden over de gezondheid van mensen. Als je het spel met meerder mensen speelt, kun je er een competitie van maken. Niet-medici kunnen gerust meedoen na enige uitleg van specifieke ziektebeelden.

De leerlingen waren enthousiast; ze deden meteen de week erna verslag. Iemand had een persoon met een longziekte gezien en verschillende leerlingen rapporteerden dat ze blinde medeburgers hadden gespot. Voor dat laatste is overigens meestal niet zo’n erg opmerkzaam oog nodig; maar, het is een begin! Vervolgens hing ik een hele les over hormoonproblemen op aan de vraag wat er aan een patiënt met specifieke hormoonziekten te zien zou kunnen zijn. Een slanke vrouw, dun gekleed in de winter, druk pratend, het zweet op het voorhoofd, zou een overmatige actieve schildklier kunnen hebben. Een man met een ietwat te grote neus, een dikke plooi tussen zijn wenkbrauwen en enorme handen en voeten zou kunnen lijden aan een hormoonproducerende tumor in de hersenen. Het sprak tot hun verbeelding. De les was veel te snel om.

Vandaag was ik blij dat deze leerlingen mij niet hebben gezien in de benarde positie waarin ik terecht kwam. Ze zouden me zeker hebben uitgelachen en het was hun goed recht geweest. Ik zat in de trein naar Zwolle, genoot van de zon die door het raampje op mijn gezicht viel, een goed boek en een kopje koffie. In Arnhem kwam er iemand naast me zitten. Hij paste amper tussen de stoel waar op hij wilde gaan zitten en die ervoor. Ik had het gevoel dat ik volledig ingesloten werd. Hij had een enorme buik, zijn t-shirt zat er strak overheen gespannen. Om mij nog wat ruimte te laten, moest hij zijn armen voor zijn buik houden, wat hij voor elkaar kreeg door zijn handen op zijn buik te vouwen, ter hoogte van zijn uitpuilende navel. Liet hij even los, dan werden mijn schouders platgedrukt tussen zijn lijf en de stoel. Ik schoof zo ver als ik kon naar het raam.

Hij ademde zwaar. Elke uitademing was geforceerd, zelfs nadat hij al een paar minuten zat. Hij hoestte zo nu en dan. In gedachten voerde ik een snelle risicoscreening uit. Dit leverde een zeer slecht cardiovasculair risico-profiel op: een persoon van het mannelijk geslacht, de vijftig gepasseerd, rokend, morbide obees met een enorme buikomvang. Bovendien leed deze man met absolute zekerheid aan chronisch obstuctief longlijden. Verder had ik een donkerbruin vermoeden dat hij ook last had van slaapapneus (korte ademstilstandjes tijdens het slapen) en suikerziekte. Over zijn therapietrouw twijfel ik ernstig, aangezien hij er nogal onverzorgd uit zag.

Ik voelde mij in deze bijna platgedrukte houding tussen deze omvangrijke man en het raam uiterst ongemakkelijk. Ik probeerde verder te lezen, maar ik kon met niet afsluiten voor de geforceerde uitademing die met strakke regelmaat te horen was. Het was mij bang te moede dat ik het nog 45 minuten vol moest houden in deze positie en overwoog te verkassen met mijn thermosflesje en dikke trekkersrugzak. Maar dan moest ik langs de buik en bovendien gaf het me een respectloos gevoel. Als ik geloofde dat God deze man heeft gemaakt en van hem houdt (en dat geloof ik), wie was ik dan om niet naast hem te willen zitten. Dus ik bleef zitten me realiserend dat dit ‘Bingo!’ in het quadraat te noemen was; een variant van het spel die me wel erg dicht op de huid kwam. Zó dichtbij dat ik bijna het HVZ-risico kan voelen en de biefstuklongen kon visualiseren. Hoewel ik een fanatieke speler van dit spel ben, hoeft dat van mij nu ook weer niet. Maar ja, dat krijgt je van zulke spelletjes. De doktersassistenten in spé hadden deze man vast en zeker als risicopatiënt herkent, na mijn bezielende lessen daarover. Helaas kan ik deze ervaring niet meer met hen delen; ik ben inmiddels geen docent meer.

Corine

‘Weet je al wat je wilt gaan doen?’ Deze vraag krijg ik de afgelopen weken zeer vaak. Eerst was mijn antwoord nog: ‘Ik wil eerst wat ervaring op doen en daarna solliciteren voor de huisartsenopleiding.’ ‘Oh leuk,’ was dan vaak het antwoord. Nu ik echter mijn weerstand op gegeven heb tegen mijn groeiende interesse voor de microbiologie en openbaar durf toe te geven dat ik sterk overweeg microbioloog te worden, zijn de reacties heel anders.microscoop

‘Microbiologie? Oh, bijzonder,’ of ‘Oh, je gaat dus een carrieremove maken, wel zonde van die 6 jaar geneeskunde’ of ‘Hoezo microbiologie, de hele dag door de microscoop kijken,’ of ‘Dat is ook jammer, dat je dan geen patiëntencontact meer hebt’. Het ergste zijn de opmerkingen waarbij er een geestelijke draai aan wordt geven: ‘Is dat niet zonde van de gaven die je heb gekregen?’ Tussen de regels door klinkt een verwijt dat ik de mensheid te kort zou doen door mezelf ‘op te sluiten’ in een lab.

Nou, ik zal je vertellen wie er in het lab werken: uiterst sociaal-onbegaafde mensen. Ze zijn als ‘mensen-dokter’ mislukt en hebben zich teruggetrokken in hun laboratoriumburcht. Veilig, ver weg van alles wat ’sociaal’ is. Ze doen hun ding, volkomen op zichzelf, zonder enige vorm van menselijke communicatie. Ze halen hun hart op bij het determineren van bacteriën, communiceren met schimmels en koesteren virussen. Feitelijk fungeert het lab als een uitslagenmachine: je stopt er een potje sputum of een flesje bloed in en er komt een uitslag uit.

De uiterst empatische ‘mensen-dokter’ neemt vervolgens de uiterst verantwoordelijke taak op zich om deze uitslag aan de patiënt mee te delen: ‘Meneer, uw infectie wordt veroorzaakt door een coagulase negatieve staaf. We zullen het moeten behandelen met penicilline in een infuus.’ Het is maar goed dat dat aan de mensen-dokter wordt overgelaten. Want het is wel duidelijk wie hier echt doktert.

Vandaag post ik een stuk van de hand van  Babs Verblackt. Een aantal weken geleden interviewde ze mij samen met 2 vriendinnen over hoe wij ons geloof beleven in onze studie. Hieronder het stuk wat vandaag in  ‘Arts in spé’ verscheen.


Geloven in meer dan geneeskunde
Publicatie: Nr. 1 – februari 2009
Auteur: Babs Verblackt
Pagina: 8-11

‘De evolutietheorie is niet mijn waarheid’

Ze gaan met God aan hun zijde hun studie door. Dat geeft steun, maar ook dilemma’s. Hoe combineer je geneeskunde en geloof? Vijf studenten – één moslim en vier christenen – vertellen.

Parweez Kohestanie (zesdejaars), Toos Manintveld (zesdejaars) en Mark-Jan (vierdejaars), Annelies (zevendejaars) en Corine (zesdejaars), die alleen hun voornamen willen gebruiken, studeren vol overgave geneeskunde in Nijmegen en Groningen. Maar met net zoveel overgave geloven ze in meer dan wetenschap alleen.
‘Mijn keuze voor geneeskunde is deels uit mijn geloof voortgekomen’, zegt Parweez. ‘In de Koran staat: wie één mens redt, redt de hele mensheid. Je móet mensen helpen, dat is mijn islam. Ik voel ook echt voldoening als ik een patiënt help. Welk geloof ze hebben, hoef ik niet te weten, ik help iedereen. Je hart moet even wit zijn als je doktersjas.’
Voor Mark-Jan was geneeskunde juist een aanleiding zich in het geloof te verdiepen. Hij begon in 2005 niet-gelovig aan zijn studie. ‘Ik kon al het lijden dat ik in de studie zag, moeilijk rijmen met de bewering dat er een liefdevolle God is’, zegt hij. ‘Dus besloot ik nog één laatste keer te zoeken of er inderdaad meer is. Ik dacht: als er een God is, moet hij zich maar aan me kenbaar maken. Ik begon met bijbellezen en naar kerkdiensten gaan. Op een gegeven moment gebeurden zulke bijzondere dingen, zoals gebeden die werden verhoord en dingen die te toevallig waren, dat ik ervan overtuigd raakte dat God wel moest bestaan.’
Nog steeds vindt hij het moeilijk om lijden te plaatsen of te aanschouwen. ‘Maar ik geloof dat lijden niet van God komt en dat God met de mensen meevoelt. Zijn antwoord is mensen te gebruiken om iets eraan te doen. Geneeskunde is een van zijn instrumenten om mensen van lijden te verlossen.’
Volgens Annelies heeft God leiding gehad in haar keuze voor geneeskunde. ‘Het is niet zo dat ik vanuit de Bijbel dacht: ik moet arts worden. In het begin twijfelde ik zelfs aan geneeskunde’, vertelt ze. ‘Moest ik nou wel of niet meeloten? Ik besloot het in Gods handen te leggen. Niet het lot, maar God, zeggen ze wel eens. Ik werd meteen ingeloot.’

(Meer…)

Hyves heeft mij vandaag overtuigd! Weet je waarvan? Dat het een communistisch, geniepig systeem is. Je komt er zonder enige moeite in, het lijkt allemaal leuk en gezellig, maar ondertussen….

Mijn surfgedrag is de afgelopen jaren minitieus gevolgd. Mijn krabbels zijn doorzocht, mijn foto’s bekeken en mijn blogs geanalyseerd. Want mogelijk kunnen ze er nog een slagje uit slaan. En zeker van de schat aan gegevens die alle naïevelingen bij elkaar achterlaten op hyves.

Vandaag sloeg de schrik me om het hart toen ik een mailtje kreeg van één van mijn hyves-vrienden dat per 30 januari de namen van alle hyvers aan google gekoppeld gaan worden. Goed, goed, als je het wist kon je een vinkje verwijderen en bleef je naam nog enigszins privé. Maar eigenlijk was het natuurlijk de bedoeling om de boel stilzwijgend in te voeren. Deze geniepige actie overtuigde mij in 1 klap dat hyves geen onschuldige digitale kroeg is.

Dus ik zoeken naar de uitgang. Ik was zo makkelijk binnengekomen, hoe kon ik de ingang (die toch ook meestal de uitgang is) vergeten zijn. Gelukkig was even googlen genoeg om een link te vinden waar je je kunt afmelden. Vervolgens kreeg ik de volgende tekst in mijn mailbox:

Er moet een vergissing in het spel zijn, want als we niet beter wisten zouden we denken dat je je account permanent wilt verwijderen. Hiermee verwijder je ook al je foto’s, video’s, vrienden en deel je je sociale leven een klap toe die niet zelden fataal blijkt… Vaak hebben mensen ook even nodig om hun draai te vinden op Hyves. Maar goed. Haal diep adem, tel tot 10 en klik op de link om je verwijdering definitief te maken. Gebruik je Hotmail of werkt de link niet? Copy-paste dan de link tekst naar je browser.

Ja en dan kan het nog erger! Dit is de tekst die ik vervolgens op de site zelf te zien kreeg:

Flitsen er beelden voorbij van je krabbels, flarden van hyves, schimmen van vrienden?

Het is nog niet te laat! Pas als je klikt op de link in de email die we je net stuurden is je verwijdering definitief!

Nou goed, oordeel zelf maar. Als je de uitgang niet kunt vinden gebruik dan deze link: http://www.hyves.nl/index.php?l1=ut&l2=da

Angst om incapabel te zijn
Angst om te weinig van het leven te hebben gemaakt
Angst om saai te zijn
Angst om ongekend te blijven
Angst voor armoede
Angst voor het nieuwe
Angst altijd alleen te blijven
Angst voor spijt
Angst voor afwijzing
Angst om opgejaagd te worden
Angst voor verveling
Angst voor straf
Angst voor stilte
Angst om liefde te ontvangen
Angst om lief te hebben
Angst voor de dood
Angst voor pijn
Angst om te falen
Angst vergeten te worden
Angst voor spot
Angst voor eenzaamheid
Angst voor vernedering

Hij was bang
Jezus, Hij was bang !
Het zweet brak Hem uit van..

..ANGST…

Prijs God, Hij droeg onze angsten!

PERSBERICHT- januari 2009

Vanaf begin februari zullen vier kerken in Nijmegen een Alpha-cursus aanbieden. Op woensdag 28 januari wordt een Alpha-introductieavond gehouden, die ervoor is bedoeld om mensen op een gezellige en informele manier met deze Alpha-cursus te laten kennismaken.

In januari denken veel mensen eens extra na over wat het nieuwe jaar zal brengen. Er worden weer goede voornemens gemaakt of men vraagt zich af wat de zin van de dingen is. De Alpha-cursus is een goede plek om hier over te praten en om antwoorden te vinden op vragen.

Meer dan 150.000 mensen in Nederland hebben al een Alpha-cursus gevolgd. De Alpha-cursus biedt in 10 avonden en 1 weekend een vrijblijvende kennismaking met het christelijk geloof. Het biedt een ontspannen gelegenheid om hier meer over te leren. De cursus wordt in meer dan 1000 plaatsen gegeven door kerken van verschillende denominaties.

Op door middel van posters, folders, persoonlijke uitnodigingen en berichten in de media worden mensen in de omgeving Nijmegen uitgenodigd voor de Alpha-introductieavond en de Alpha-cursus. De introduerismeerctieavond vindt plaats op woensdag 28 januari en wordt gehouden in de Hoeksteen, Bijleveldsingel 30. De toegang is gratis. De avond begint om 20:00 en iedereen is van harte welkom voor een hapje en een drankje en een vrijblijvende kennismaking met de Alpha-cursus. Jan Bakker, de directeur van Stichting Alpha-cursus Nederland zal ingaan op de vraag: Is het christelijk geloof niet saai, onwaar of achterhaald?

Iets voor u? Kom dan naar de introductieavond! Voor meer informatie: www.alphacursusnijmegen.nl of neem contact op met Edwin, bel 06-16809155 of mail info@alphacursusnijmegen.nl

SS851402

SS851076

I’ve got the weekly email devotional of Max Lucado in my mailbox today. I love reading informal emails during my daily work. Lucado wrote that “homesickness is one of the burdens God doesn’t mind if we carry.” I had to reread it before I fully realized what he was saying. I know how it feels to be homesick. Years ago my parents went on their annual, well deserved holiday together. For every child they found a place to stay for that few days. I had the honour to stay at my grand-aunt’s home in the big city Rotterdam. We were used to visit her regularly during the years and she made our stays like a party for us. We went to the zoo, to big play gardens and all things like that. I always enjoyed staying at my grand-aunts home. But this time it was different. (Meer…)

Volgende Pagina »