God, wie is dat?


PERSBERICHT- maart 2008

Kennismakingscursus Christelijk geloof
Waarom hebben al meer dan tien miljoen mensen wereldwijd de Alpha-cursus gevolgd? In 2007 alleen al zijn ruim 40.000 cursussen gegeven, waarvan ruim 1500 in Nederland. Waarom ontdekken steeds meer mensen de Alpha-cursus? Waarom organiseert de Pinkstergemeente Jozua al voor de 2e keer een Alpha-cursus? Ontdek het zelf! Jong of oud, heel gelovig, bijna-gelovig of niet-gelovig, vragen of twijfels; iedereen is welkom! al_klein_165x250.jpg

In Nijmegen start weer een Alpha-cursus, die iedereen de mogelijkheid biedt om uit te zoeken wat het christelijk geloof inhoudt. “Is er meer? Waar leef ik eigenlijk voor?, Heeft bidden zin? Enz. enz.”. Samen gaan we op zoek naar antwoorden. Korte inleidingen en het napraten hierover in kleine groepjes (waar geen enkele vraag gek is) en dit alles in een heel gemoedelijke, open sfeer helpen ons daarbij. De cursus is gratis en bestaat uit 10 donderdagavonden en een weekend. Elke avond start om 18.30 uur met een warme maaltijd. Onze ervaring is dat het heel gezellig is en daarnaast biedt het kansen op nieuwe vriendschappen. U krijgt een maaltijd én u maakt kennis met het christelijke geloof!

Voor de maaltijden wordt een bijdrage van 3 euro gevraagd en ook voor het weekend zal een bijdrage gevraagd worden. De eerste avond is op donderdag 10 april. De locatie wordt nog bekend gemaakt. Meer informatie en opgave via  http://www.jozua.info of Jos van Oostveen tel. 06-23460236. Van harte uitgenodigd.

Nooit meer dorst hebben? Waar had deze man het over? Hij zag eruit alsof hij voornaam was, maar of hij ook enige wijsheid bezat, betwijfelde ik. Niet voor lang trouwens. Wacht, ik zal aan het begin beginnen, dan kun je het misschien volgen.

Het was weer één van die vele hete zomerdagen in een lange rij. Er leek geen einde aan te komen. ’s Morgens en ’s avonds was het wel uit te houden, maar rond de middag kijken de meeste mensen op zulke dagen wel uit om een vin te verroeren. Stil in de schaduw liggen en de tijd z’n werk laten doen, is dan de beste optie. Het enige voordeel van dat moment was dat er dan niemand bij de put was. Liever door de ondragelijke hitte ploeteren, dan elke dag leven met de veroordeling van tientallen afkeurende blikken. Ik kon het niet meer verdragen en had er een gewoonte van gemaakt water te halen op het moment dat de kans bijna nihil is om iemand te treffen.

Ik schrok daarom enigszins van de man bij de put. Hij droeg een mantel uit één stuk en had vriendelijke ogen. Hij keek meSamaritaanse aan en zei: ‘geef me wat te drinken.’ Het verbaasde me; er klonk respect in zijn stem. Er was alle reden voor minachting van zijn kant. Ik ben een vrouw, hij een man. Ik ben een Samaritaanse, hij is een Jood. En wat te denken van mijn verleden, hij moet toch wel begrepen hebben dat ik niet voor niets op dat tijdstip bij de put was. ‘Hoe kunt u, als Jood, mij om drinken vragen? Ik ben immers een Samaritaanse,’ zie ik. Zijn antwoord was vreemd en onverwachts: ‘Als u wist wat God wil geven, en wie het is die u om water vraagt, zou u hém erom vragen en dan zou hij u levend water geven’. Ik begreep niet wat hij zei. Zo even vroeg hij nog aan míj om water en nu beweerde hij dat ik hém om water moest vragen, vanwege zijn afkomst of iets dergelijks. En wat bedoelde hij met wat God me wilde geven? Wat wist hij daarvan, bij God had ik immers alles verspild?! Ik gooide het maar over de praktische boeg: ‘Meneer, u hebt geen emmer en de put is diep - waar wilt u dan levend water vandaan halen. U kunt toch niet meer dan Jakob, onze voorvader? Hij heeft ons die put gegeven en er zelf nog uit gedronken, en ook zijn zonen en zijn vee. Maar zonder emmer komt u niet ver!’ Hij keek me aan en zei: ‘Iedereen die dit water drinkt zal weer dorst krijgen. Maar wie het water drinkt dat ik hem geef zal nooit meer dorst krijgen. Het water dat ik geef, zal in hem een bron worden waaruit water opwelt dat eeuwig leven geeft.’ Nooit meer dorst hebben? Hoe zag deze man dat voor zich? Haha, handig is het wel, nooit meer op dit nare tijdstip dit eind lopen en weer terug. Het zou een uitkomst zijn. ‘Geef mij dat water, meneer,’ antwoordde ik hem met meer sarcasme in mijn stem dan ik had gewild, ‘dan zal ik geen dorst meer hebben en hoef ik ook niet meer hier heen te komen om water te putten!’

Hoewel ik op dat moment niets begreep van deze man en van wat hij zei, was er iets in zijn woorden dat me aantrok. Hij commadeerde me niet, verachtte me niet, negeerde me niet. Hij was een gesprek met me aangegaan, had me een vraag gesteld, hij keek me zelfs aan. Hij deed alles wat ik niet had verwacht. Zijn reactie op mijn sarcasme was al even bijzonder: ‘Ga je man eens roepen en kom dan weer terug.’ Voor ik het wist antwoordde ik hem met de waarheid: ‘ik heb geen man.’ Zijn reactie zal ik nooit meer vergeten. Hij kende mijn verleden, hij wist wie ik was. Maar hij oordeelde niet toen hij zei: ‘U hebt gelijk als u zegt dat u geen man hebt, u hebt vijf mannen gehad, en degene die u nu hebt is uw man niet. Wat u zegt is waar.’ Het was alsof de schellen van mijn ogen vielen. ‘Nu begrijp ik, meneer, dat u een profeet bent!’

Ik was even stil, maar begreep dat ik nu eindelijk de kans had om de vraag te stellen die me al jaren bezig hield. ‘Onze voorouders vereerden God op deze berg en bij u zegt men dat in Jeruzalem de plek is waar God vereerd moet worden. Wat is nu de waarheid? Ik verlang ernaar God te aanbidden, maar waar?’ ‘Geloof me,’ zei hij, ‘er komt een tijd dat jullie noch op deze berg noch in Jeruzalem de Vader zullen aanbidden. Jullie weten niet wat je vereert, maar wij weten het wel; de redding komt immers van de Joden. Maar er komt een tijd, en die tijd is nu gekomen, dat wie de Vader echt aanbidt, hem aanbidt in Geest en in waarheid. De vader zoekt mensen die hem zo aanbidden, want God is Geest, dus wie hem aanbidt moet dat doen in Geest en in waarheid.’ Ik begreep niet alles wat hij zei. Wel begreep ik dat God aanbidden niet vast zit aan een geografische plaats, maar dat het gaat om echtheid. Ik kende de bijbel en ik wist dat de Messias zou komen, hij zou ons alles duidelijk maken. Ik verlangde ernaar dat die redder zou komen ‘Ik weet wel dat de messias komen zal, wanneer hij komt zal hij ons alles vertellen,’ zei ik. ‘Dat ben ik, die met u spreekt!’ antwoordde de man. De Vader waarover hij sprak, was dus echt zijn vader. Hij was de Zoon van de allerhoogste God, de beloofde messias.

Op dat moment stond er opeens een groep van 12 mannen bij de put. In twaalf paar ogen las ik verbazing, en ik kon het hun niet kwalijk nemen. Hun leermeester stond daar te praten met een Samaritaanse, verachte vrouw. Niemand zei echter een woord. Ze stonden daar maar met hun boodschappen onder hun arm. Opeens wist ik wat ik moest doen, ik zette mijn kruik neer, zodat ik sneller kon lopen. Ik keek de man nog even aan en liep toen in alle haast naar huis. Inmiddels was de stad weer een beetje gaan leven. Wat ik al jaren niet had gedurfd, deed ik nu. Ik voelde me herboren, mijn eerst zo droge, dorstige hart was vol van blijdschap en liefde. Ik ging naar het marktplein en sprak daar iedereen die het horen wilde aan. ‘Er is iemand bij de put, die alles van me weet. Zou dat niet de messias zijn!?. Hij heeft met niet veroordeeld. Kom met me mee!’ En tot mijn grote verbazing verzamelde zich een groep mensen om mij heen, ze wilde niets liever dan ook deze man ontmoeten. Ze moeten aan mij gezien hebben hoe deze ontmoeting mij had veranderd. Later hoorde ik dat ze zagen dat mijn ogen straalde. Het was voor hun genoeg reden om zelf te gaan kijken. Iemand die mij, verachte en mislukte vrouw, kan oprichten moet wel op z’n minst een profeet zijn.

We ging samen die weg weer terug naar de put. Nog nooit had ik deze weg met vreugde afgelegd, maar nu liep ik alsof ik jaren jonger was. Samen met mijn stadgenoten nog wel, die ik al die tijd had gemeden. Bij de put was de man nog met zijn discipelen. Hij was bezig hun te onderwijzen. Toen we aankwamen vertelde hij ons over het koninkrijk van God, dat hij Jezus was, Gods zoon en dat wij ook Gods kinderen mochten worden. Om me heen zag ik allemaal stralende gezichten. Nu begreep ik wat hij had bedoeld met levend water, dat als een bron zal worden in je binnenste. We vroegen hem nog bij ons in Sichar te blijven, en hij ging op die uitnodiging in. In de twee dagen dat hij er was, is de stad zo veranderd. Hij leerde ons over Gods koninkrijk, over bronnen van levend water en over zijn Geest. Gebroken mensen gingen weer stralen, zieken genas hij, bittere zielen vonden liefde en heling. In de dagen daarna sprak ik met veel mensen. Wat waren we blij. ‘Wij geloven nu niet meer om wat jij gezegd hebt,’ zeiden ze, ‘maar we hebben hem zelf gehoord en we weten dat hij werkelijk de redder van de wereld is!’

Enkele jaren later mochten we weer zo’n geweldige tijd meemaken. Er waren toen veel mensen in de omgeving die Jezus zelf niet hadden meegemaakt, maar wel van ons over hem hadden gehoord. Filippus, een dienstknecht van Jezus kwam bij ons langs en vertelde over Jezus’ terugkeer naar de Vader, over zijn werk op aarde. Er was opnieuw een enorme dorst naar dit goede nieuws. En net als toen Jezus bij ons was, bleef het niet alleen bij woorden. Hij verrichtte wonderen in de naam van Jezus Christus, die nu in de hemel aan Gods rechterhand zit. Mensen werden bevrijd van boze geestem, vele verlamden en mensen die mank liepen werden genezen. De vreugde gonsde door de straten. Toen Johannes en Petrus ook nog naar ons toe kwamen en ons de handen op legden, ontvingen we de Heilige Geest.

Inmiddels ben ik oud geworden. Ik kan niet veel meer, maar wat ik wel kan is mijn kinderen en kleinkinderen vertellen over die man, die mij, verachte, samaritaanse vrouw, bij de put aansprak. Hij, die de liefde van God aan me aanbood. Hij is het waard aanbeden te worden!

Naar Johannes 4 en Handelingen 8

Psalm 13

David suffering a depression

How long O Lord, will You look the other way
How long O Lord, must I wrestle with my thoughts
And everyday, have such sorrow in my heart

Look on me and answer, O God my Father
Bring light to my darkness, before they see me fall

But I trust, in Your unfailing love yes my heart will rejoice
Still I sing, of Your unfailing love
You have been good
You will be good to me

Lyrics: Brian Doerksen

Als tiener was ik een grote fan van Rebecca st James. De cd’s die ik van haar had, heb ik grijs gedraaid. Daardoor zijn de teksten van haar nummers diep ingesleten in mijn herinnering en af en toe gebruikt God ze om me iets duidelijk te maken of me te troosten. De laatste tijd heb ik vaak het nummer ‘Hold me Jesus’ in mijn hoofd. Het gaat over de vertwijfeling en verwarring die sommige situaties op kunnen leveren. Zodat het lijkt dat het leven nergens meer op slaat. Maar de tekst heeft een diepe waarheid in zich: Jezus zal ook je Prins van Vrede zijn. En dat is wat ik merk de afgelopen weken. De situaties zijn moeilijk, de nacht is vaak zo donker dat je het kan voelen, ik voel me al een blad in de wind. Maar Jezus zal me vasthouden. Hij zal niet toelaten dat ik blijf liggen als ik val, want Hij richt me weer op.

Overgave is moeilijk voor mensen als Petrus en ik. We willen zelf rennen en vliegen! We willen liever zelf vechten dan het goede aannemen wat God ons geeft. Wat zal God je geven als je vraagt om meer trouw? Geeft hij je trouw of mogelijkheden om trouw te zijn? Wat als je vraagt om meer liefde voor je familie? Geeft Hij liefde, of mogelijkheden om lief te hebben? En als je vraagt om meer overgave? Geeft Hij letterlijk overgave of situaties om die overgave te oefenen? Soms vraag ik me af waar ik een paar maanden geleden om gebeden heb? Misschien wel om overgave of meer vertrouwen. En wat krijg ik? Ik krijg de mogelijkheid om overgave te leren en vertrouwen in Jezus die onze Koning van glorie wil zijn en onze Prins van Vrede. Hij krijgt me wel op de knieen, maar liefdevol en nooit met geweld.

Corine


Sometimes my life just don’t make sense at all
When the mountains look so big,
and my faith just seems so small
And I wake up in the night and feel the dark
It’s so hot inside my soul
There must be blisters
On my heart

Hold me Jesus
I’m shaking like a leaf
You have been King of my glory
Won’t You be my Prince of Peace

Surrender don’t come naturally to me
I’d rather fight you for something
I don’t really want,
than take what you give that I need

Surrender don’t come naturally
And I beat my head against so many walls
Now I’m falling down, falling on my knees

Saying hold me Jesus
Please hold me Jesus

(Hold me Jesus - Rebecca st James)

Lieve Papa, almachtig God,

Bedankt voor de geweldige brief die U mij gister hebt gestuurd. Ik moet wel reageren, al vind ik het ook moeilijk. Uw liefde is zo groot dat ik er verlegen van word. Ik ben zo ontzettend blij dat ik U heb leren kennen. De jaren zonder U, waren toch minder mooi!

Pap, soms lijkt het, of U helemaal niet dichtbij bent. U hebt me al vaker verteld, dat U precies weet wat ik aan het doen ben, dat U zelfs mijn gedachten kent. Maar ik moet U eerlijk bekennen dat ik het niet altijd kan geloven. Dan zie ik U niet, soms hoor ik uw stem zo lang niet en dan is het zo makkelijk te geloven dat U niet in de buurt bent. Dat U mij even uit het oog bent verloren. Ik weet dat het niet waar is! U hebt me nog nooit in de steek gelaten. Wilt u alsublieft niet stoppen, uwzelf aan mij te tonen?

Ik heb het de afgelopen tijd wel weer zonder uw kracht geprobeerd. Het lijkt zo onlogisch vaak om het van een onzichtigbare Persoon buiten mijzelf te verwachten. Het lijkt vaak veel logischer om te zoeken naar iets in mezelf of misschien te vertrouwen op mensen die ik zie. Of op systemen en organisaties. Maar ze hebben met teleurgesteld, Pap. U had me er al voor gewaarschuwd:  ‘Vertrouw niet op mensen, maar op Mij’. Ik moet het altijd zelf ontdekken, eerst tegen een muur aanlopen. Zo is het altijd geweest, ook toen ik jong was en U nog niet kende. Ach, U weet het allemaal, U kende mij allang, U hebt me zelf gemaakt.

Daar heb ik wel vragen over trouwens. Waarom hebt U me niet wat simpeler gemaakt, niet zo ingewikkeld? Waarom ben ik zoals ik ben? U zegt zelf dat U een plan met mijn leven hebt, een hoopvol plan, maar wat is het plan dan? Mijn oudere en wijzere broers en zussen houden me voor dat ik moet zoeken naar uw plan, maar ik zou het zo graag op een briefje krijgen. Eén van mijn oudere broers vertelde laatst hoe U zijn leven had geleid tot nu toe, en het was zo bemoedigend! Maar als puntje bij paaltje komt, en het gaat om mijn eigen leven, vind ik het stiekem toch heel moeilijk. Het is wel heerlijk om mensen om me heen te hebben, die me zulke verhalen vertellen over uw trouw! Als ik het dan weer even vergeten ben, herinneren zij mij eraan. Het spijt me dat ik U zo vaak in de weg loop met mijn eigen plannetjes. Het is vast gebaseerd op ongeloof, maar ook op de angst om echt alles los te laten. Het voelt zo veilig om vast te zitten, om me vast te kunnen klampen aan de plannen die ik heb gemaakt. Het lijkt zo reëel om de toekomst te plannen.  U houdt me een andere manier van leven voor. U wilt graag de regie van mijn leven in handen hebben. U hebt tenslotte mijn rol in de wereldgeschiedenis ontworpen. U weet precies waar ik op mijn plek ben, die rol die ik alleen kan vervullen. Vergeef me dat ik vaak een rol toedeel in mijn leven. Ik wil graag dat U de Regisseur bent, dat U alle trouwtjes in handen hebt en houdt.

Ik wil U nog graag voor zo veel dingen bedanken, waar zal ik eens beginnen? Dank U voor alle goede gaven die ik van U ontvangen heb, voor de zegeningen die U mij wilt geven, voor de gedachten die U over mij hebt en koestert. Dank U dat ik altijd bij U welkom ben, dat uw liefde niet op houdt en dat uw gunstbewijzen elke ochtend nieuw zijn!

Heerlijk is het om te weten, dat U zich door niets en niemand van mij laat scheiden.

Lief, uw dochter

P.S. Ik wil graag mee feestvieren!

Auteur onbekend

Mijn kind, Ook al ken je mij misschien niet. Ik ken je door en door. Ps139:1 Ik weet het als je zit of staat. Ps139:2 Of je op weg gaat of uitrust, Ik merk het, al je wegen zijn Mij vertrouwd. Ps139:3 Zelfs de haren op je hoofd zijn geteld. Mt10:29-31 Want je werd als mijn evenbeeld gemaakt. Gn1:27 Zonder Mij kun je niets doen. Jh15:5 Ik kende je al voordat Ik je vormde in je moeders buik. Jer1:4-5 Voor het begin van de wereld had Ik mijn plan al klaar om je in mijn heerlijkheid te brengen. 1Kor2:7 Je bent geen foutje! Ps139:15 want elke dag van je leven staat in mijn boek. Ps139:16 Ik bepaalde precies wanneer je geboren zou worden en waar je zou wonen. Hn17:26 Je bent prachtig gemaakt. Ps139:14 Ik weefde je in de buik van je moeder. Ps139:13 Ik beschermde je vanaf je eerste dag. Ps 71:6 Mensen, die mij niet kennen, hebben een verwrongen beeld van Mij gemaakt. Jh8:41-44 Ik ben niet ver weg of iemand waar je bang voor hoeft te zijn, maar ik ben Liefde. 1Joh4:16 En Ik verlang er naar je mijn liefde te geven. 1Joh3:1 Gewoon omdat je mijn kind bent en Ik jouw Vader. 1Joh3:1 Ik geef je het goede als je daarom vraagt, Mt7:11 want Ik ben de volmaakte Vader. Mt5:48 Al het goede, dat je ontvangt, komt uit mijn hand. Jak1:17 Want Ik zorg voor je en geef je alles wat je nodig hebt. Mt 6:31-33 Ik heb je altijd al een hoopvolle toekomst willen geven. Jer29:11 Want Mijn liefde voor jou duurt voor eeuwig. Jer31:3 Mijn gedachten over jou zijn net zo min te tellen als het zand bij de zee. Ps139:17 &18 Ik heb werkelijk alles voor je over. Rom8:32 Ik zal altijd het goede voor je blijven doen. Jer32:40 Want je bent een kostbaar bezit voor Mij. Ex19:5 Ik wil je zegenen en een plaats geven om te wonen. Jer32:41 Als je mij oprecht zoekt, zul je me vinden. Deut4:29 Want Ik ben gekomen om je het leven te geven in al zijn volheid. Jh10:10 Ik kan veel meer voor je doen dan je beseft. Ef3:20 Want Ik ben het die je aanmoedigt en kracht geeft. 2Tes2:16-17 Ik ben ook de Vader die je in al je problemen troost. 2Kor1:3-4 Als je hart gebroken is, ben Ik dichtbij. Ps34:18 Ik koester je aan mijn hart zoals een herder een lam draagt. Jes40:11 Zelfs al is je leven moeilijk, Ik ben bij je. Ps23:4 Als je bij Mij komt zal Ik je met open armen ontvangen. Luc15:20 Ik ben je Vader en Ik houd van je zoals Ik van mijn zoon Jezus houd. Jh17:23 Want in Jezus kun je mijn liefde voor jou zien. Jh17:26 Hij is het evenbeeld van wie Ik ben Hebr1:3 Hij kwam om te laten zien dat Ik niet tegen je maar voor je ben. Rom8:31 Jezus stierf zodat jij en Ik verzoend konden worden. 2Kor5:18-19 Zijn dood laat mijn liefde voor jou zien. 1Jh 4:10 Ik gaf mijn zoon waar Ik van houd om jouw liefde te winnen. Rom8:32 Als je Mijn Zoon Jezus erkent, erken je Mij. 1Jh2:23 En niets kan je ooit meer van Mijn liefde scheiden. Rom8:38-39 Kom thuis en Ik zal een groots feest in de hemel aanrichten. Luc15:7 Ik ben altijd Vader geweest en zal altijd Vader zijn. Ef3:14-15 Mijn vraag is: Wil je mijn kind zijn? Jh1:12-13 Ik wacht op jou. Luc15:11-32

Liefs, je Vader. Almachtig God

Vandaag is het jaar 2008 begonnen. De eerste dag van een onbekend jaar. Wat zal het worden, wat zal het jaar brengen. 2008 is voor ons als een boek, waar je alleen nog maar de eerste regels van hebt gelezen. Als een film waarvan we de eerste scene nog niet eens hebben gezien. Als een schaakspel waarvan alle stukken nog op z’n plaats staan. Hoe het zal lopen weten we niet. Maar maakt het uit? Is het anders dan welke dag ook? We weten toch nooit wat morgen ons zal brengen.

Voor ons is de jaarwisseling iets groots; we maken een start met een nieuw jaar. Maar hoe zal het zijn voor Degene die er al is van voor de schepping van de wereld, Hem voor wie duizend jaar zijn als 1 dag en 1 dag als duizend jaar?? In de bijbel staat dat Hij niet moe of uitgeput wordt. Hij kan het heelal vatten tussen de duim en pink van zijn hand. Hij mat het de grond van de continenten af in een maatbeker. Het water voor de aarde woog Hij in zijn holle hand. Voor hem zijn de bewoners van de aarde als sprinkhanen, een druppel aan een emmer of zelf een stofje aan de weegschaal. (Jesaja 40)

En die sprinkhanen, druppels, stofjes hebben 2008 luidruchtig ingeluid. Vreugdevuren, vuurwerk, vandalisme; niets is te gek om het heelal te laten weten dat we een nieuw jaar zijn ingestapt. ‘Luister is, let op! Wij leven!!!! We zijn vol goede moed, laat maar komen 2008. We hebben de zaken op orde, de economie draait, de spaarrekening is vol, de banken geduldig en de verzekering goed geregeld. Wíj kunnen 2008 aan!’

En onze Heer in de hemel lacht, Hij lacht om het trotse gedoe op de aarde. Wat is de mens dat Hij er naar om zou zien, die sprinkhanen, niet veel meer dan stof! Maar godszijdank hij ziet ons wel. Zijn ogen gaan over de aarde, om krachtig bij te staan hem wiens hart volkomen naar Hem uit gaat. Die jaarwisseling heeft God niet van zijn stuk gebracht. Sinds hij de tijd heeft geschapen, heeft Hij er al behoorlijk wat mee gemaakt. Ok geen miljoenen, maar toch.

Ik stond vannacht een paar minuten na twaalf voor het raam. Ik keek naar de lucht die grauw was van de rook en de mist. En ik sprak met mijn Heer. Ik zei: ’samen met U kom ik er wel, ik weet niet wat uw plannen zijn, maar ik vertrouw U. Ik weet dat wat er ook gebeurt, U er bij zult zijn met uw liefdevolle aanwezigheid.’ Ik huilde omdat ik wist dat de almachtige, alwetende, alomtegenwoordige God naar me luisterde, ondanks het feit dat ik maar een nietige sprinkhaan ben, je trapt me zo plat. Maar God heeft me tot zijn geliefde dochter gemaakt. Daarmee kan ik 2008 wel aan!

Dit is één van mijn lievelingsliedjes. Het is een liefdeslied van God aan jou en mij.

I know what you’ve been hearing, I’ve seen you hide your fear
Embarrassed by your weaknesses, afraid to let me near
I wish you knew how much I long for you to understand
No matter what may happen child, I’ll never let go of your hand

I know you’ve been forsaken by all you’ve known before
When you failed their expectations, they frowned and closed the door
But even if your heart itself shall lose the will to stand
No matter what may happen child, I’ll never let go of your hand

The life that I have given you, no one can take away
’cause I’ve sealed it with my spirit, blood and Word
The everlasting Father has made His covenant with you
And He’s stronger than the world you’ve seen and heard

So don’t you fear to show them all the love I have for you
And I’ll be with you everywhere in everything you do
And even if you do it wrong, and miss the joy I’ve planned,
I’ll never let go of your hand.

U hebt hem bijna goddelijk gemaakt, met heerlijkheid en luister hebt u hem gekroond. Psalm no8

Bijna goddelijk… noemt deze poeet de mens. En dat na de uitroep: wat stelt de mens toch voor, God, dat u er maar één enkele gedachte aan besteedt, ja dat u naar hem om ziet?? Bijna goddelijk… ik moet zeggen dat wij er een kei in zijn geworden dat bijna een beetje te rekken tot ‘in de richting van’ goddelijk, of ‘ongeveer goddelijk’ tot zelfs ‘verre van goddelijk’.

Hoe goddelijk reageer ik eigenlijk op de dingen die gebeuren, op de mensen om me heen? Hoe goddelijk spreek ik met anderen. En hoe goddelijk zijn mijn gedachten?

Goddelijk? wat moet ik me daar toch weer bij voorstellen.
Gods liefde is oneindig. [Kan ik wel werkelijk lief hebben?]
Gods spreken is heilig, zijn woorden keren nooit leeg terug. [Hoe loos zijn mijn woorden, soms zelfs kwetsend en vol van halve waarheden.]
Gods gedachten zijn ontelbaar als het zand van de zee. [Hoevaak draaien mijn gedachten die in het zelfde eindeloze cirkeltje?]

Ik zal maar van God aannemen dat hij ons bijna goddelijk gemaakt heeft. Hij kan het weten. Maar ik kan je verzekeren dat het Hem een grote prijs kostte om dat gerekte ‘bijna’ te overbruggen. Lieve God, ik dank u dat Christus in mijn leeft, God zelf!

Next Page »